De aanlevermodule voor het cliëntervaringsonderzoek Wmo over 2025 is open. De deadline is 1 juli 2026, wettelijk verplicht via artikel 2.5.1 van de Wmo 2015. Maar wie de module voor het eerst invult, of wie vorig jaar al tegen dezelfde situatie aanliep, weet dat het invullen meer voorbereiding vraagt dan het op het eerste gezicht lijkt.
De module vraagt je te rapporteren over drie onderdelen:
- De opzet en uitvoering van het CEO
- De uitkomsten van het CEO
- Wat je met die uitkomsten hebt gedaan
Je hebt daarvoor informatie nodig van collega's en uitvoeringspartners die je niet altijd bij de hand hebt.
Op aanleveringwmo.nl vind je een handleiding voor alles wat je moet invullen. Hieronder hebben we handig onder elkaar gezet wat je moet verzamelen en bepalen voordat je aan de slag gaat.
Stap 1: bepaal wie de module invult
De module kan alleen worden ingevuld door een vertegenwoordiger van de gemeente. De vragenlijst gaat zowel over de uitvoering van het onderzoek als over het gebruik van de uitkomsten in beleid.
In de praktijk werkt het het beste als twee collega's dit samen doen: één die betrokken was bij de opzet en uitvoering van het onderzoek (denk aan een intern onderzoeker of de contactpersoon bij het meetbureau) en één die zicht heeft op wat er beleidsmatig met de uitkomsten is gedaan, zoals een beleidsambtenaar Wmo.
Zorg dat je weet wie die twee mensen zijn voordat je de module opent. Registreer je daarna als vertegenwoordiger op aanleveringwmo.nl om je persoonlijke link te ontvangen. Het college moet ingestemd hebben met de onderzoeksresultaten.
Let op: wil je ook aanleveren voor een andere gemeente of voor een ander jaar? Dan moet je je voor iedere gemeente en voor elk jaar opnieuw registreren. Doe je dat dus voor twee gemeenten, en wil je voor beide gemeenten over 2025 en 2024 aanleveren? Dan moet je je vier keer registreren.
Stap 2: verzamel informatie over de opzet en uitvoering (onderdeel A)
De module vraagt je te beschrijven hoe het CEO Wmo 2025 in jouw gemeente was ingericht. Verzamel alvast het volgende:
- Wie het onderzoek heeft uitgevoerd: de gemeente zelf, een extern onderzoeksbureau, aanbieders van Wmo-ondersteuning, ervaringsdeskundigen of een combinatie
- Welke onderzoeksmethode(n) zijn gebruikt: vragenlijstonderzoek met of zonder standaardset, individuele interviews, groepsgesprekken, spiegelgesprekken, casusanalyses, etc
- Welke doelgroepen zijn meegenomen: alle inwoners met een hulpvraag bij de toegang, inwoners met een Wmo-voorziening, of een specifieke maatwerkvoorziening zoals huishoudelijke hulp, individuele begeleiding of beschermd wonen
- Hoe de steekproef is getrokken: iedereen benaderd, een aselecte steekproef of een gestratificeerde steekproef
- Hoe inwoners zijn uitgenodigd en hoe ze konden deelnemen: schriftelijk, digitaal, telefonisch, via QR-code, live, etc
- Hoe vaak is gemeten: eenmalig, meerdere keren per jaar of continu
- De respons: hoeveel inwoners zijn benaderd en hoeveel hebben deelgenomen
Die laatste twee cijfers kun je opvragen bij het meetbureau als je ze niet paraat hebt. De module vraagt ook om je oordeel over de respons. Het gemiddelde responspercentage bij het CEO Wmo ligt landelijk rond de 38% (bron: landelijke rapportage CEO Wmo); dat geeft je een referentiepunt.
ℹ️ Lees ook onze blog over het verhogen van de respons op je cliëntervaringsonderzoek.
Stap 3: verzamel de uitkomsten (onderdeel B)
De module vraagt je te rapporteren over de uitkomsten op de drie verplichte thema's van het CEO Wmo, conform artikel 8 van de Uitvoeringsregeling Wmo 2015: de toegankelijkheid van Wmo-voorzieningen, de kwaliteit van de ondersteuning en het effect (bijdragen aan zelfredzaamheid en participatie).
Wat je nodig hebt:
- De drie belangrijkste bevindingen of uitkomsten van het onderzoek, in maximaal 100 woorden per onderdeel. De module vraagt ze zo objectief mogelijk, bij voorkeur onderbouwd met concrete cijfers.
- Per thema: welke aspecten zijn onderzocht en op welke aspecten zie je ruimte voor verbetering op basis van het onderzoek?
- Een reflectie: als je vorig jaar hetzelfde onderzoek hebt uitgevoerd, welke veranderingen zie je dan ten opzichte van 2024?
- Als je naast de drie verplichte thema's ook aanvullende onderwerpen hebt onderzocht: wat zijn die thema's en wat zijn de uitkomsten?
De rapportage of het resultatenoverzicht van je meetbureau is hiervoor de basis. Heb je die nog niet bij de hand, vraag hem dan op vóórdat je de module ingaat.
ℹ️ Tip: gebruik je Ervaringwijzer, dan heb je te allen tijde inzicht in een actuele rapportage van de resultaten via het digitaal platform. Zo hoef je niet te wachten op terugkoppeling als de tijd dringt.
Stap 4: beschrijf de opvolging van de uitkomsten (onderdeel C)
Dit is het onderdeel waarvoor de meeste gemeenten intern informatie moeten ophalen. De module vraagt:
- Met wie zijn de uitkomsten actief gedeeld en/of besproken? Denk aan inwoners, de Wmo-adviesraad, het college van B&W, de gemeenteraad, uitvoerende professionals, contractpartners of externe bureaus.
- In welke vorm is gerapporteerd? Schriftelijke rapportage, factsheet, bijeenkomsten, film of animatie.
- Wat is er met de uitkomsten gedaan? Denk aan openbaar gemaakt (rapportage, factsheet, persberichten), opgenomen in een raadsinformatiebrief, gebruikt als input voor beleidsontwikkeling, verbeteringen vastgesteld bij de gemeente of bij zorgaanbieders, gebruikt bij contractgesprekken of als onderdeel van een bredere evaluatie.
Loopt de opvolging nog of is er nog niet alles gedocumenteerd? Dat is geen reden om de module uit te stellen. Je kunt beschrijven wat je op dit moment weet.
Stap 5: bepaal je keuzes over publicatie en vervolg
Twee aanvullende besluiten wil je bewust nemen, en niet halverwege de aanlevering moeten improviseren.
- Publicatie op Waar staat je gemeente. De aangeleverde informatie wordt gepresenteerd op waarstaatjegemeente.nl / Gemeentelijke Monitor Sociaal Domein. De drie hoofdbevindingen zijn direct zichtbaar, de overige antwoorden zijn beschikbaar via een downloadbaar document. Je kunt kiezen voor volledige publicatie, publicatie van alleen de drie hoofdbevindingen, of geen toestemming geven. Het college moet hier akkoord voor geven, dus regel dat op tijd.
- Groepsgesprek met Ipsos I&O. In september 2026 organiseert Ipsos I&O een online groepsgesprek met gemeenten over het CEO Wmo. De module vraagt of zij contact mogen opnemen. Je hoeft nergens definitief ja op te zeggen, maar het helpt om intern te weten of hier interesse voor is.
Wat als de uitkomsten nog niet beschikbaar zijn?
Heeft je gemeente het CEO Wmo wel uitgevoerd maar zijn de uitkomsten nog niet volledig beschikbaar vóór 1 juli? Doorloop de module dan toch vóór 1 juli en geef aan wanneer de uitkomsten verwacht worden. Na 1 juli kun je alsnog aanleveren. De gegevens worden dan nog opgenomen op waarstaatjegemeente.nl, maar tellen niet meer mee in de landelijke analyse (deadline daarvoor is 1 oktober 2026). De module sluit definitief op 1 december 2026.
Heeft je gemeente het CEO Wmo over 2025 helemaal niet uitgevoerd? Dan meld je dat ook in de module. Er wordt dan gevraagd naar de reden en naar de plannen voor het CEO over 2026.
Klaar om aan te leveren?
Ervaringwijzer ondersteunt gemeenten bij het opzetten en uitvoeren van het cliëntervaringsonderzoek Wmo.
Wil je weten hoe je het onderzoek zo inricht dat de aanlevering volgend jaar minder voorbereiding kost? Neem contact met ons op.
Verzamel voortaan eenvoudig en efficiënt antwoorden op al jouw vragenlijsten met één simpel onderzoeksplatform en ondersteuning van experts.
Meer weten over efficiënt onderzoek doen?
Lees meer artikelen vol met tips, do’s and don’ts, nieuwe inzichten van gebruikers van Ervaringwijzer én nog een hele hoop andere informatie waardoor je bruikbare resultaten behaalt.
Keurmerken in de zorg: zo bouw je autoriteit én draagvlak op
Culturele bias in onderzoek: hoe stel je eerlijke vragen?

Cliëntervaringsonderzoek versturen: zo bepaal je de juiste aanpak


John Boes
Radar Advies